Ruimte = was geweldig!

Wat betekent ruimte voor jou? Deze vraag stond centraal tijdens het Ruimte= festival, wat in juni plaatsvond in de Academie van Bouwkunst te Groningen. Alle aanwezigen werden uitgedaagd om vanuit hun eigen perspectief (student, wetenschapper, adviseur, beleidsmaker, architect, stedebouwkundige, etc.) over de ruimte na te denken.

Door de informele en interactieve opzet van het festival kon ruimte op allerlei manieren overdacht en bediscussieerd worden: via stellingen, een interactieve kaart, tijdens een diner en niet in de laatste plaats in een aantal workshops. Hieronder een korte verslaglegging van de verschillende workshops die werden aangeboden tijdens het festival. Foto’s vindt je op de pagina Ruimte= (rechtsboven).

Visies maken, hoe doe je dat? (Provincie Drenthe)

Alex van Oost van de Provincie Drenthe daagde de deelnemers uit om na te denken over instrumenten en rollen die een visiemaker heeft in deze veranderende tijden, waarin overheden steeds minder de uitvoerende partij zijn en steeds meer als coalitiepartner fungeren in een netwerk. Dit doet hij zelf dagelijks als creative director van de Noordervisie 2040, een langetermijnvisie voor de drie noordelijke provincies. De visie is bedoeld om over de provinciegrenzen heen te kijken en is een eigen verhaal waarin wordt voortgebouwd op de aanwezige ruimtelijke kwaliteit (en niet op de aanwezige subsidiepotjes in Den Haag en Brussel). De visie is niet ingestoken als ‘traditioneel’ uitvoeringsprogramma maar  als een uitnodiging naar alle burgers en partijen.

De deelnemers ondekten al gauw dat de rol van visiemaker lastig is om in te vullen. Wat in ieder geval belangrijk is: Mensen verbinden, mensen bereiken en de verscheidene ideeën verenigen in een toegankelijk platform. In de discussie kwamen verschillende instrumenten en rollen naar voren.

Hoe mobiliseer je actoren rond een vraagstuk? Goede informatievoorziening en specifiek het zichtbaar maken van initiatieven is hierbij van belang, hier ligt een taak voor de planner.  Goede ideeën zien en deze op gang helpen, het wegnemen van drempels indien nodig. Bijvoorbeeld door het laten meebewegen van de regelgeving met de veranderende samenleving.

En als overheid onzekerheden accepteren en partijen uitnodigen om mee te doen. Door het denkproces van burgers en partijen centraal te stellen, worden hobbels en remmende factoren zichtbaar en kunnen deze worden weggenomen. Hierbij worden kleinschalige initiatieven die dichtbij de burger staan en waar het eigen belang direct zichtbaar is steeds belangrijker, een voorbeeld hiervan zijn de lokale energiecoöperaties. Een nieuw instrument is crowdfunding: het verbinden van idee-eigenaren met financierders. Door 1 euro te investeren in een goed idee in je eigen buurt, krijg je hier een betere leefomgeving voor terug. Hiermee vindt de besluitvorming plaats vanuit de inhoud en ligt deze bij de burgers.

Als visiemakers kunnen we niet meer rekenen op de doorwerking van een eigen gemaakt plan. We beroepen ons op de input, het draagvlak en de output van belangrijke partijen om ons heen. De taak van de planner van vandaag is het regisseren en verbinden van partijen. Hier ligt ook de kracht van een langetermijnvisie: het bij elkaar brengen en enthousiasmeren van friskijkers en dwarsdenkers.

 

De gezonde stad (Gemeente Groningen i.s.m. Mathijs Dijkstra)

In de workshop van de Gemeente Groningen in samenwerking met Mathijs Dijkstra (MD Landschapsarchitecten) staat de gezonde stad centraal. Groningen is door de EU voor een periode van twee jaar uitgeroepen tot ‘healthy ageing-stad’. Een preventieve aanpak staat centraal in dit concept: gezond zijn en blijven in plaats van genezen.

Welke rol kan ruimte spelen in het concept healthy ageing? De workshopleiders hebben niet veel tijd nodig om het belang van ruimtelijke inrichting voor een gezonde stad duidelijk te maken. In een context van de klassieke denkers over groen in de stad (o.a. Olmsted, Central Park) wordt het belang van groene ruimte en bewegingsruimte nog eens benadrukt. Dat de parken in de 21e eeuw niet meer gemaakt worden voor harde werkers om te genieten van hun welverdiende rust maar juist gebruikt worden om activiteit en beweging te stimuleren, past in de visie van Groningen als gezonde stad. Het doel is inwoners ongemerkt meer te laten bewegen en door een doordachte inrichting van de ruimte kan dit aangemoedigd worden.

Dat de klassiekers nog steeds van invloed zijn, blijkt uit het feit hoe Groningen terug wil naar het flaneren op de Hereweg, haar Diepenring wil herinrichten en de historische structuur van haar stad omarmt in een nieuwe stadsassenstructuur. Meer ruimte creëren voor gezonde gewoontes als wandelen en fietsen. Ongemerkt gezond van A naar B: bewegen is immers het middel, niet het doel!

 

Ontwikkelmodel 3.x. (Open Lab Ebbinge)

“Ruimte is tijdelijk, dus doe er in de tussentijd iets leuks mee.” Deze boodschap droeg Open Lab Ebbinge (OLE) uit tijdens haar workshop met als onderwerp het creëren van tijdelijke, openbare ruimte.

Het Open Lab voorziet de stad Groningen tot 2016 van een openbare ruimte op het terrein van de voormalige gasfabriek (CiBoGa) in het centrum van Groningen. Deze plek is bestemd als een grote nieuwbouwlocatie voor winkels, woningen en kantoren en de uitbreiding van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG). Het doel van dit project is om het Ebbingekwartier een tussentijdse ‘oppepper’ te geven en het terrein een toonbeeld te laten zijn voor mobiele architectuur en tussentijdse stedebouw. Kennis en ervaringen omtrent dit unieke project werden tijdens de workshop gedeeld.

Deelnemers van Ruimte= werden in de tweede helft van de workshop uitgenodigd zelf een fictieve, braakliggende ruimte van een hectare tijdelijk te gaan gebruiken als openbaar terrein. Tijdelijk openbaar ruimtegebruik lijkt eenvoudig en spontaan tot stand te komen, maar vraagt in het voortraject om een lange adem en uiteraard om een helder, goed doordacht concept. In een vroeg stadium dienen diverse stakeholders actief betrokken te worden. Vervolgens wordt bij de uitwerking aandacht besteed aan en veelheid aan aspecten: grondeigendommen, vigerend ruimtelijke beleid, aanleg van enkele nutsvoorzieningen, de synergie met de omgeving,  het beheervraagstuk etc.

Het creëren van een tijdelijke openbare ruimte op de schaal van het OLE-terrein is makkelijker gezegd dan gedaan. Open Lab Ebbinge is een bijzonder project dat veel aandacht genereert in binnen- en buitenland. Daarom zet het Open Lab zich actief om hun kennis en ervaringen met belangstellenden te delen.

 

Herbestemmen van locaties (Regio Groningen-Assen)

De Regio Groningen-Assen verzorgde een workshop over de omgang met leegstaande terreinen en regionaal geprioriteerde ontwikkelgebieden, waaronder Westpoort en Meerstad. Vanwege de huidige economische crisis zijn de huidige programma’s voor woningbouw en bedrijventerreinen bijgesteld. Onlangs is de regio akkoord gegaan met het schrappen van een fors deel van de woningbouwplannen voor de komende jaren.

Deelnemers van Ruimte= werden uitgenodigd om te brainstormen en ideeën te generen over hergebruik van ontwikkellocaties. De workshopleiders wisten in korte tijd een oogst aan ideeën te verzamelen voor tijdelijke planvorming en ontwikkeling van uitleglocaties in de regio Groningen-Assen gericht op vrijtijdsbesteding, studentenhuisvesting, duurzame energie, (stads)landbouw, klimaatverandering etc.

Regio Groningen-Assen bestaat uit twee provincies en elf gemeenten die over hun bestuurlijke grenzen heen kijken en gezamenlijk invulling geven aan de ruimtelijke economische ontwikkeling van de regio. Die ontwikkeling is opgehangen aan de Regiovisie met inmiddels bekende ‘T-structuur’. Jaarlijks storten de deelnemers een bijdrage in een regiofonds. Hieruit worden cruciale regionale projecten (mede) gefinancierd.

Historie wegennet in vogelvlucht (Rijkswaterstaat)

Jan-Willem de Jager van Rijkswaterstaat nam de aanwezigen mee op een historische vogelvlucht langs de verschillende stadia van ons rijkswegennet. Daarbij besteedde hij specifieke aandacht aan de manier waarop wegen worden ingepast in hun omgeving. Van de Romeinen, met het eerste planmatige wegennet, via de middeleeuwse Hessenwegen, Duitse autobahnen en Amerikaanse parkways, kwamen de toehoorders uiteindelijk uit bij het huidige Nederlandse snelwegennet.

In eerste instantie werd dit netwerk met open armen ontvangen en gezien als een teken van vooruitgang, maar naarmate de snelweg een grotere impact op zijn omgeving begon te krijgen sloeg het imago om. In deze worsteling proberen wegbeheerders als Rijkswaterstaat in toenemende mate schaalniveaus aan elkaar te verbinden: daar waar transport- en lokale belangen elkaar raken wordt in toenemende mate gezocht naar oplossingen waarmee verschillende belangen worden gediend. Met integraal denken en handelen kunnen rijk en regio elkaar versterken.

//

Nationaal Energieakkoord ademt (te) weinig ambitie

Afgelopen vrijdagavond 5 juli discussieerden leden van Ekistics met elkaar over het Nationale Energieakkoord. De aanleiding hiertoe vormde de uitgelekte, voorlopige inhoud van dit akkoord.

Begin juli maakte de NOS de belangrijkste afspraken bekend die staan opgenomen in de concepttekst van het Energieakkoord. Naar aanleiding hiervan is binnen Ekistics een discussie op gang gekomen over potentiële bijdrage van dit akkoord aan een daadwerkelijke versnelling van de energietransitie in Nederland. De stelling luidt: Op basis van het uitgelekte energieakkoord is de transitie in Nederland naar een duurzame energievoorziening gedoemd te mislukken.”

De stelling levert onder de aanwezige Ekistici een levendige discussie op. De meeste aanwezigen lijkt het eens te zijn met deze stelling. Het belangrijkste argument hiervoor is dat de huidige kabinetsdoelstelling – zestien procent duurzame energie in 2020 – geheel wordt losgelaten in het Energieakkoord. Daarmee is te verwachten dat Nederland nog langer achter blijft lopen in Europa en deze situatie is niet wenselijk. Hoe langer we wachten, hoe minder we profiteren van vernieuwingen en daaraan verbonden economische voordelen (bv. werkgelegenheid en het vermarkten van kennis).

Een ander argument is dat er belangrijke zaken ‘over het hoofd’ worden gezien. In het akkoord worden geen afspraken gemaakt over de benutting van restwarmte en energiebesparing in de energie-intensieve industrie, terwijl hier nog een wereld te winnen is.

Tot slot vinden sommigen dat er meer aandacht moet komen voor de naleving van het akkoord en het financieel instrumentarium gekoppeld aan de gemaakte afspraken. Hoe kan lokale duurzame energieopwekking – gelet op mogelijkheden voor salderen – voor langere tijd aantrekkelijk worden gemaakt? Hoe kan de markt voor energiebesparende maatregelen bij huishoudens écht worden aangejaagd?

Onder leiding van de SER wordt door de betrokken partijen, waaronder vakbewegingen, werkgevers, milieuorganisaties en belangengroeperingen gestaag doorgewerkt om te komen tot een Nationaal Energieakkoord. Het definitieve akkoord wordt medio juli vastgesteld. In de omschakeling naar een duurzame energiehuishouding is ‘ruimte’ een expliciete factor en daarmee interessant discussievoer voor planologen.

Jonge planologen zoeken nieuwe rol

Nu de overheid zich deels terug trekt uit de ruimtelijke ordening en de bouwsector op z’n gat ligt, is het voor startende planologen moeilijker een eerste baan te vinden. Tegelijkertijd verschuift met de toenemende aandacht voor zelforganisatie, bottom-up stedenbouw en organische ontwikkelen het speelveld. Vraaggestuurde ontwikkelingen staan centraal en dat biedt kansen voor startende planologen. Daarvoor dienen zij zich wel een andere rol aan te meten.

De leden van Ekistics discussieerden met elkaar of deze redenering hout snijdt en hoe deze rol dan invulling zou moeten krijgen. Startpunt was de stelling dat binnen de hierboven geschetste context jonge planologen zelf initiatieven moeten starten, collectieve dienen te vormen en tot visies en plannen kunnen komen. Kortom, activistische planning met de jonge planoloog als aanvoerder!

Er zijn veel sprekende voorbeelden waarbij planologen, stedenbouwers en andere jonge ruimtelijke professionals, al dan niet in samenwerking met anderen, zelf projecten zijn gestart. Vanuit hun passie hebben zijn vervolgens andere partijen warmgemaakt voor nieuwe onderzoeksvragen en opdrachten  en zo hun uiteindelijke eigen werk gegenereerd. Denk aan MAAK050 in Groningen of De Luchtsingel van ZUS in Rotterdam. Meer voorbeelden zijn te vinden op  De Energieke Stad of Kracht in NL.

De vraag is wie de sprong in het diepe aandurft. Het lijkt in eerste instantie minder in de genen van de beleidsmatig en bestuurskundig getrainde planologen te zitten in vergelijking met hun collega’s in de architectuur en stedenbouw. Daarnaast is het een moeilijke afweging wanneer energie te steken in sollicitaties en wanneer in de ontwikkeling van eigen projecten. Tegelijkertijd bezitten planologen met hun integrale blik en verbindend vermogen juist belangrijke kwaliteiten om initiatieven op te starten en naar een hoger plan te tillen. Daarbij biedt de huidige technologie veel kansen ideeën uit te werken en netwerken te vormen zonder grote financiële voorinvesteringen te moeten doen. Sommige aanwezigen roken hun kans en weten zich met Ekistics verzekerd van een uitstekend netwerk om hun initiatieven tot een succes te maken.

Terugblik: Ruimte=

Dinsdag 4 juni, Locatie: Academie van Bouwkunst

Dinsdag 4 juni, Locatie: Academie van Bouwkunst

Het festival Ruimte= zit er op! Zeven workshop, 8 ontwerpteams, 10 taarten, 50 ruimtelijke hits, meer dan honderd zelfgemaakte naamkaartjes en liters koffie, thee en fris hebben 4 juni tot een gezellige, aantrekkelijke en vooral ook inspirerende dag gemaakt.

In totaal heeft Ruimte= ruim 80 studenten mogen verwelkomen van diverse ruimtelijke studieachtergronden, met daarnaast academici, adviseurs, professionals, beleidsmakers, architecten en (stede)bouwkundigen! De informele en interactieve opzet van het festival heeft tot veel positieve reacties geleid.

De organisatie wil iedereen die dit succes mede mogelijk heeft gemaakt, en daarmee deelnemers, ontwerpteams, ontwerpcoaches, de Academie van Bouwkunst en de workshouders hartelijk danken voor de bijdrage hun ongeremd enthousiasme en energie.

De foto’s, verslagen van workshops

Dinsdag 4 juni, Locatie: Academie van Bouwkunst

en een filmpje dat een sfeerimpressie geeft, komen zo snel mogelijk online.

Ruimte=

G.D.P. Ekistics vierde dit jaar zijn 5-jarig bestaan. Ter gelegenheid hiervan organiseerden wij het ruimtelijk festival Ruimte=. Op 4 juni vond dit plaats op de Academie van bouwkunst, Zuiderkuipen 19 te Groningen. Op deze dag kon je meedoen aan workshops, minicursussen, tentoonstellingen en allerlei andere activiteiten. Je kon zowel ’s middags als ’s avonds komen, en uiteraard ook allebei. Hieronder het programma:

Het programma

‘S Middags (15:00-18:00)

Middagprogramma

‘S avonds (19:00-22:00)

Avondprogramma

1ste Lustrum Ekistics

Het is 20 maart 2008. Het Groninger Dispuut der Planologen Ekistics ziet het eerste levenslicht. Nog geen maand ervoor kwam het half serieus ter sprake. Moe en vol filosofische gedachten zaten we in de kroeg na te praten over het tentamen planning theory. We zouden het wel gehaald hebben, maar wát was dít vak een eye opener. Vol van de vers opgedane ideeën discussieerden we onder het genot van een biertje over alles wat los en vast zat in de Nederlandse ruimtelijke ordening, welke zaken eigenlijk belachelijk waren dat ze zo werkten, en vooral: welke filosofische inzichten we zouden aanwenden om de Nederlandse ruimtelijke planning anders vorm te geven. Biertjes en filosofische ideeën gingen gebroederlijk over tafel en voor we het wisten ging de volgende dag ten koste van deze vruchtbare avond en nacht. Dat we dat niet eerder hadden gedaan! Ja, tot laat bier drinken natuurlijk wel, maar waarom alleen vakinhoudelijke discussies in de collegebanken? En zoals wel vaker met goede ideeën, kwam het idee om een Groninger Dispuut der Planologen op te richten ’s nachts na enkele alcoholische versnaperingen.

Twee nachtelijke sessies later was het zover. We hadden een naam: Ekistics, vastgelegd in statuten. We konden nu echt van start. Heimelijk werden de eerste 3 brieven verstuurd om geschikte leden te werven. Omdat de ontvangers geen idee hadden van het bestaan van dit dispuut, kwamen ze verrast, nieuwsgierig en vol spanning naar de inhuldiging. Na 5 jaar heeft Ekistics 23 leden en is veel bereikt: een stuk of 50 dispuutsavonden, met vruchtbare discussies na een heerlijke maaltijd en altijd onder het genot van een drankje; een reis naar Hamburg; een reis naar Newcastle; een high tea met Patsy Healey; twee ruimtelijke verkiezingsdebatten; etc. etc. En ter gelegenheid van dit eerste lustrum gaat het dispuut wederom op reis. En ditmaal zijn het niet de jonge leden die in spanning afwachten wat er gaat gebeuren, want die staan aan het roer. Het is de oude garde die, als een kind dat op schoolreisje gaat, vol verwachting uitkijkt naar wat ons komend weekend te wachten staat. Kortom, het initiatief en de regie ligt inmiddels een generatie verder en zo hoort het ook. Ekistics leeft!

Marc Beeftink
mede-oprichter van G.D.P. Ekistics

Zelfvoorziening in voedsel

22 Maart jongstleden kruisenden de leden van ekistics de degens over de haalbaarheid van zelfvoorzienende steden en dorpen. Er waren veel aanwezigen en dit zorgde voor een vrolijke boel. Na eindeloos kletsen over ervaringen uit Nieuw-Zeeland en over vissen werd het dan toch tijd om aan de discussie te beginnen die zich in het bijzonder richtten op zelfvoorzienendheid in voedsel.  Het ging om de vraag of het tijd is dat Nederland zich ook in gaat zetten in de zelfvoorziening.

Dit zorgde voor de nodige discussie, want is dit wel haalbaar? En moeten we dat willen? Dit zou bijvoorbeeld betekenen dat we alleen nog maar seizoensgebonden producten mogen eten. Ook was een van de punten dat ook al heeft Nederland het juiste klimaat voor een bepaald product, dit betekend niet automatisch dat het in je eigen tuin ook goed groeit. Tevens werd stilgestaan bij het verlies van schaalvoordeel wanneer gemeenschappen hun eigen voedsel gaan verbouwen, maar dat daar tegenover staat dat het zelf verbouwen van voedsel een beter bewustzijn kan opleveren over de productie van voedsel en wat als een eerlijke prijs kan worden beschouwd. We waren het er in ieder geval over eens dat dit bewustzijn cruciaal is en mensen meer dienen te weten van voedsel, het productieproces en waar het vandaan komt.

Kortom, een mooie discussie over een onderwerp wat misschien wel steeds meer een rol gaat spelen in Nederland.